Geen betere binnenkomer dan een gesprek in goed Duits te beginnen

Begin deze week was er een lunchbijeenkomst op de Hannover Messe, georganiseerd door de Nederlandse ministeries van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken.

Zo’n twintig bedrijven uit Nederland en Duitsland waren uitgenodigd om mee te denken hoe ondernemers makkelijker grensoverschrijdend zaken met elkaar kunnen doen. Er werd een kleine brochure uitgedeeld met vijf discussiepunten. Punt 1: de gebrekkige Nederlandse beheersing van de Duitse taal.

Engels

Opvallend genoeg werd dit punt van zorg nog eens extra onderstreept door de brochure zelf Die was namelijk opgesteld in het Engels. Maar daar bleef het niet bij: Engels was ook de voertaal tijdens de lunch. De bijeenkomst kreeg een onbedoeld komisch karakter toen bleek dat een van de Nederlandse ondernemers de Engelse taal niet goed meester was — hij schakelde noodgedwongen over op het Duits. Toen even later bleek dat alle aanwezige Duitsers goed Nederlands konden verstaan, werd het gesprek uiteindelijk voorgezet in die laatste taal. Een van de aanwezigen was Jos Kleiboer van de Koninklijke Metaalunie: ‘Het was hilarisch, zeker gelet op het thema dat we toen bespraken’.

Maar wat bewijst het voorval? Eigenlijk vooral dat de taal ook weer niet zo’n heel grote barrière is, vindt Kleiboer. ‘Al heb je altijd een streepje voor als je het Duits wel goed machtig bent.’

Band opbouwen

Dat zeggen ook Duitse ondernemers die zaken doen met Nederlanders. Het valt allemaal wel mee, is de teneur. ‘Taal is eigenlijk nooit een probleem’, aldus Ulrich Meier-Noe, een eenpitter die veel testwerk doet voor Airbus, vaak in samenwerking met het Nederlandse ingenieursbedrijf West End uit Lisse. ‘Binnen dat bedrijf is er altijd wel iemand die Duits spreekt en anders schakelen we over op het Engels.’

Hetzelfde geldt voor Konstantin Luda, bedrijfsleider bij Hefner, een industriële toeleverancier die veertig werknemers telt en gevestigd is in de buurt van Stuttgart. Luda doet al acht jaar probleemloos zaken met Nederlanders bij wie hij intussen een kwart van al zijn inkopen doet. ‘De prijs is goed en ze leveren altijd betrouwbare producten.’

Maar toch, zijn eerste zakelijke contact met een Nederlander legde Luda niet vanwege prijs of kwaliteit, maar vooral omdat het klikte op het persoonlijke vlak. ‘Ik kwam hem toevallig tegen bij een gezamenlijke klant en we hadden meteen een goed contact.’ Maar ja, geeft Luda toe, die eerste prettige kennismaking was in niet onbelangrijke mate te danken aan het feit dat de bewuste Nederlander zo goed Duits sprak. ‘Het helpt zeker om een band op te bouwen.’

bron: www.fd.nl

Het bericht Geen betere binnenkomer dan een gesprek in goed Duits te beginnen verscheen eerst op Cursus zakelijk Duits op maat.